In verband met de vogelgriep geeft Vogelbescherming Nederland tips voor het bijvoeren van vogels.
Vooral als er watervogels in de buurt zijn, moet men extra alert op vogelgriep zijn. Maar daarnaast er zijn ook andere ziekteverwekkers die op voederplaatsen gedijen. Een goede hygiëne kan vogelleed voorkomen.
Voor meer informatie en wat te doen met zieke vogels, kijk op: Vogelbescherming
Hygiënisch bijvoeren: 6 tips
- Voer hoeveelheden die voor de avond op gaan, zodat er geen resten overblijven op de grond of op de voertafel. Als het voer nat wordt en lang blijft liggen wordt het een vieze bende.
- Borstel of schud voerhuisjes, voertafels en silo’s regelmatig schoon. Silo’s zijn zo ontworpen dat de zaden niet snel nat worden, maar met regen en wind is het niet uitgesloten. Als de zaden gaan klonteren, moet je ze weggooien. Veel silo’s passen en mogen in de afwasmachine en zijn zo gemakkelijk schoon te maken.
- Ververs water in waterbakken regelmatig, in ieder geval wekelijks. Extra voordeel: zo voorkom je dat (tijger)muggen zich voortplanten.
- Ontsmet de voer- en waterplaats af en toe met kokend water.
- Vooral vetbollen en andere vetproducten kunnen sneller bederven met zacht, nat weer. Het vet ruikt dan vies, er komt een zwarte of witte waas over of de zaden erin beginnen te kiemen. Haal het voer weg als dit gebeurt, maar zorg er vooral voor dat het niet zover komt.
- Verplaats voertafels af en toe om te voorkomen dat ziekteverwekkers zich ophopen.

Reacties